· 

Trainen op gevoel

Als ik een training, lezing of een ander praatje geef over trainen is de eerste vraag die ik vraag stel: Hoe train je? Doe je dat op snelheid, op hartslag of op kilometers?

 

Steevast krijg ik van één of meerdere mensen het antwoord: op gevoel. Als ik dan even doorvraag, blijkt dat er dan het niet voelen van verzuring bedoeld wordt.

 

Omdat gevoel in onze maatschappij toch stiekem wordt gezien als een vrouwending, krijg ik altijd weer een glimlach op mijn gezicht als mannen aangeven volledig op het gevoel te vertrouwen als het gaat om goed trainen.

 

Nu moet ik eerlijk bekennen: ik ben van de exacte wetenschap. Mijn achtergrond als technisch ingenieur zorgt ervoor dat ik altijd aan het toetsen ben, klopt mijn gevoel ook met de feiten. Wat er weer toe leidt dat je op een gegeven moment meer en meer kan vertrouwen op je gevoel. Maar de toetsing met objectieve feiten blijft. Trainen op gevoel, kan dat? Ik denk het wel. Professionele atleten geven aan op gevoel te trainen. Een van de meest succesvolle triatleten Dirk Wijnalda geeft aan alleen op gevoel te trainen. Op de fiets heeft hij zelfs geen snelheidsmeter, alles gaat op gevoel. Dat hij succesvol is blijkt uit zijn palmares.

In het schaatsen en wielrennen komt trainen op gevoel ook voor, maar, deze atleten worden regelmatig getest (inspanningstesten, hersteltesten, lactaattesten etc.). Hebben trainingen die zij uitvoeren het gewenste effect? Zelfs in de Formule1 wordt alles, maar dan ook alles vastgelegd, gemeten en achteraf geanalyseerd. Alles om vooruitgang te boeken.

 

Professionals doen niets anders dan met het lichaam bezig zijn, zij voelen als geen ander waar ze zitten qua inspanning en wat er nog inzit. Zij weten dit omdat dit een belangrijk onderdeel is van hun beroep. Hier worden ze voor betaald. Op gevoel trainen wordt een tweede natuur en beslissingen nemen op basis van dat gevoel ook. En dat is knap. Als je dag na dag in het zadel zit, zware etappes rijdt, overal pijn hebt en op een gegeven moment puur op het mentale deel door gaat, moet je nog steeds in contact zijn met je gevoel en kunnen beslissen wanneer het genoeg is. Daarnaast hebben zij een team van inspanningsfysiologen, coaches en andere mensen om zich heen, die via testen en training/wedstrijd gegevens (hartslag/wattage/etc.) de analyses uitvoeren en daarmee kunnen bijsturen.

 

Hier gaat het om topsport. Maar wat nu als jij als nieuwbakken amateur atleet besluit om voor een meerdaagse cyclo te gaan, een zware tour of misschien wel wedstrijden. Hoe train je dan? We kijken naar de pro’s en vooral hoe zij trainen en denken dan vaak: als zij zo de Tour de France kunnen finishen, moet het voor mij ook werken. In mijn vorige blog schreef ik al over de trainingsschema’s. Als je een doel hebt waarvoor getraind moet worden, werk met een structuur, train efficiënt, breng variatie aan en zorg voor voldoende hersteltijd.

 

Langzame duurtrainingen, liggen qua intensiteit erg laag. Het gevaar is dat als je op gevoel in D1 rijdt, dat dat vaak achteraf D2 blijkt te zijn. Zeker mensen die spinnen/rpm-en gewend zijn in de winter, weten niet wat hen overkomt als er een duurrit van 2 uur op het programma staat. Weet wat je doet, leer je lijf kennen en ook waar er ruimte zit voor verbetering. Daar heb je misschien zelf al ideeën over. Laat jezelf testen, zet de cijfers af tegen je gevoel en ga daarmee aan de slag. Wat bijvoorbeeld zinvol is om te weten, hoeveel wattage trap je per kilogram lichaamsgewicht? Dit getal geeft een indicatie hoe goed je het in de bergen gaat doen. Het leren trainen op gevoel is belangrijk, maar zorg dat je dit regelmatig toetst. Alleen dan weet je of je echt progressie maakt.

 

Voor recreatieve sporters ligt het een beetje anders. Lekker fietsen op gevoel is het mooiste wat er is. Op zondagmorgen als de dag net begint, het zonnetje schijnt lekker koersen, misschien wel wat afzien of rustig in je D1//D2 kilometers afleggen. Als het genieten van je rit het doel is, volg dan je gevoel.

Reactie schrijven

Commentaren: 0